Het schilderen en stukadoren van woningen ouder dan 2 jaar valt onder het 6%-tarief.
De term stukadoren heeft betrekking op de volgende werkzaamheden:

  • de voorbereidings- en voorbehandelingswerkzaamheden die een stukadoor moet verrichten voordat hij kan overgaan tot het eigenlijke stucwerk
  • het eigenlijke stucwerk

 

Voorbereidings- en voorbehandelingswerkzaamheden bij stucwerk

Onder de voorbereidings- en voorbehandelingswerkzaamheden bij stukadoorswerk vallen:

  • het lossteken van de loszittende stuclaag
  • het voorbereiden van de ondergrond voor het (nieuw) aan te brengen stucwerk, zoals voorlijmen, impregneren, opruwen of reinigen, evenals het stellen van de benodigde stukadoorsprofielen
  • het aanbrengen van zogenaamde pleisterdragers ten behoeve van onder meer plafondwerk, zoals stucanet, steengaas en stucplaten (speciale stukadoorsgipsplaten), met als doel afgewerkt te worden als stucwerk
  • het afplakken van de omgeving van de te stukadoren ondergrond dan wel het afdekken van ruimtes waarbinnen stukadoorswerkzaamheden plaatsvinden (met behulp van plastic, afplaktape en dergelijke)
  • De hiervoor bedoelde voorbereidings- en voorbehandelingswerkzaamheden worden meestal niet afzonderlijk aan de opdrachtgever gefactureerd, maar zijn in de prijs voor het stukadoorswerk verwerkt.

 

Het eigenlijke stucwerk

Het eigenlijke stucwerk bestaat uit het herstellen van een bestaande stuclaag of het aanbrengen van een nieuwe stuclaag. Het gaat hier om het handmatig dan wel machinaal verwerken, aanbrengen en afwerken van een of meerdere lagen cement-, gips-, kalk- of kunststofgebonden pleister in de vorm van een pasta. Bij pleister in pasteuze vorm valt te denken aan diverse soorten kant-en-klare mortels, sierpleister (bijvoorbeeld spachtel, structuur- of decorpleister en marmerpleister) en aan spuitpleister (spack). Ook het aanbrengen van decoratieve lijsten, ornamenten en dergelijke aan wanden en plafonds, valt hieronder.
Met ’verwerken, aanbrengen en afwerken’ wordt gedoeld op iedere toepassing van de hulpmiddelen die bij het stukadoorswerk worden gebruikt, zoals de spuit, kwast, roller en spaan.


Woningen ouder dan 2 jaar

Met ‘woningen’ worden hier onroerende zaken bedoeld die zijn bestemd voor particuliere bewoning. Het gaat om woningen waarin particulieren permanent mogen verblijven. Ook tijdelijk leegstaande woningen vallen hieronder.
Als woning zijn onder meer aan te merken:

  • woningen in particuliere eigendom
  • huurwoningen van woningbouwcorporaties en dergelijke die door particulieren worden bewoond
  • bejaardentehuizen/aanleunwoningen
  • verpleeg- en verzorgingsinstellingen
  • studentenflats
  • kloosters, voor zover in gebruik voor permanente bewoning
  • tweede woningen, als permanente bewoning daarvan is toegestaan

Garages, schuren, serres, aan- en uitbouwen, tuinhekken en dergelijke behoren tot een woning als zij op hetzelfde perceel als de woning liggen. Garages die tot hetzelfde gebouwencomplex behoren als de woningen (bijvoorbeeld parkeergarages onder flatgebouwen die door particulieren worden bewoond) worden ook tot de woning gerekend.
De gemeenschappelijke ruimtes in appartementen, bejaardentehuizen/aanleunwoningen, verpleeg- en verzorgingsinstellingen en dergelijke (zoals de hal, het trappenhuis, de eetzaal, de recreatieruimte, enzovoort) volgen het regime dat geldt voor de particuliere woongedeelten.
Niet als woning zijn aan te merken:

  • bedrijfsgebouwen en -ruimtes
  • afzonderlijke garageboxen
  • vakantiewoningen als permanente bewoning niet is toegestaan
  • hotels/pensions
  • woonboten/woonwagens
  • asielzoekerscentra
  • ziekenhuizen
  • internaten

Panden die tegelijkertijd als woning en als bedrijfspand worden gebruikt (bijvoorbeeld woon/winkelpanden) mogen in hun geheel als woning worden aangemerkt. Hierbij geldt als voorwaarde dat ze voor meer dan 50% van het pand voor particuliere bewoning in gebruik zijn. Als een pand voor minder dan 50% als woning in gebruik is, dan mag dat woondeel voor de toepassing van het tarief worden afgesplitst.

Ouder dan 2 jaar

Voor de beoordeling of een woning al dan niet ouder is dan 2 jaar is bepalend de begindatum van het bouwjaar volgens de gemeentelijke administratie op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken. Het bouwjaar van de woning is het jaar waarin de woning wordt opgeleverd, het begin van het bouwjaar is dan op 1 januari van het jaar van oplevering van de woning. Bij een pand dat niet vanaf het begin als woning in gebruik is geweest, bepaalt het tijdstip waarop het pand voor het eerst als woning in gebruik is genomen of de woning ouder is dan 2 jaar. Te denken valt aan een oud monumentaal pakhuis dat tot een appartementencomplex is omgebouwd. Wanneer een woning in verschillende stadia tot stand is gekomen, moet de woning voor minimaal 50% bestaan uit delen die ouder zijn dan 2 jaar.
Om het 6%-tarief te kunnen toepassen moet de schilder, stukadoor of behanger kunnen aantonen dat de woning ouder is dan 2 jaar. Hij kan dit doen met bijvoorbeeld een schriftelijke verklaring van de opdrachtgever.

Bron: Belastingdienst: